Najaarsrapportage

Op donderdag 13 december stond de najaarsrapportage geagendeerd. Bij de kadernota en de begroting had het CDA al aangegeven dat de planning en control cyclus van de gemeente voor verbetering vatbaar is. Omdat deze najaarsrapportage teruggrijpt op de vorige rapportages snappen wij dat er momenteel nog geen verandering is gekomen in de aanpassing van de indicatoren. Toch blijft ook deze najaarsrapportage een bevestiging dat dit anders kan en moet. Het CDA ziet, bij monde van woordvoerder Jeroen van Gool, reikhalzend uit naar de uitvoering en resultaten van de breed aangenomen motie Transparant Begroten en Verantwoorden en wenst de auditcommissie en de wethouder daarbij veel succes en wijsheid. 

Tijdens de raadsvergadering gaf Van Gool aan dat de financiële tegenvaller in het sociaal domein is al langer bekend is en niet alleen geldt voor Alphen. Als wij onze situatie vergelijken met andere gemeenten, dan komen wij er nog redelijk netjes vanaf. Zeker tegen de achtergrond dat wij bij de top 11 procent gemeenten horen met het hoogste jeugdgebruik. De extra kosten zijn dan ook geen overschrijding of tekort, maar een investering in een overgangsperiode om te voorkomen dat jeugd buiten de boot valt. Dat moet ook gelden voor onderwijs, vandaar dat de CDA fractie de motie van de SP heeft ondersteund.

Het in de begroting 2019-2022 geschetste beeld van de financiële positie, wordt door de uitkomsten van de Septembercirculaire 2018 niet verstoord, zo stelt het college. Dat is een geruststellende gedachte. Maar toch had de CDA fractie nog een vraag aan de wethouder; of dit beeld overeind blijft met de recent verschenen decembercirculaire, waarin door onderuitputting bij het Rijk het Gemeentefonds met nog eens 100 miljoen euro wordt gekort? Deze extra korting zou voornamelijk voelbaar zijn in de zorg. Wij vroegen de wethouder of bekend is welke effecten dit voor Alphen heeft? Wethouder Kees van Velzen gaf aan dat dit mogelijk wel nadelige consequenties kan hebben, maar dat er wel naar te handelen is. Dit bevestigd al te meer dat wij ondanks de wens ‘een groene stad met lef’ te zijn, nadrukkelijk moeten letten op de kleintjes. 

– Door Jeroen van Gool

Castellum

Afgelopen raadsvergadering heeft de CDA-fractie ingestemd met het beschikbaar stellen van 1 miljoen euro voor noodzakelijk onderhoud aan het gebouw van Castellum. Het geld is nodig voor onderhoud aan de pui, aanpassen wifi-installatie en vervanging van de theaterstoelen in de theaterzaal. Als eigenaar van het gebouw is de gemeente daar verantwoordelijk voor.

In januari dit jaar heeft de gemeenteraad het college de opdracht gegeven het Meer Jaren Onderhoud Programma (MJOP) aan te passen, daarbij ook het onderhoud van het gebouw en vervanging van de inboedel mee te nemen, en de financiële consequenties daarvan nog in 2018 aan de raad voor te leggen. Dat voorstel lag dan nu ter bespreking voor. In de commissiebehandeling is uitgebreid stil gestaan bij het feit, dat het onderhoud los staat van de verbouwing van Castellum naar ‘scenario 2: meer dan een theater’. Onze CDA-wethouder van Velzen heeft aangegeven meer tijd nodig te hebben om dit scenario uit te werken.

Het onderhoud wat nu nodig moet gebeuren, heeft geen consequenties voor aanpassingen aan de functie van het gebouw. In onze inbreng stonden we stil bij het feit dat de exploitatie afgelopen jaren dermate laag was, dat er geen winst is gemaakt, van waaruit dit onderhoud kan worden bekostigd en dus als gevolg wij nu het extra geld moeten neerleggen. We hopen vanaf nu dan het achterstallig onderhoud te hebben opgelost en verwachten dat de wethouder voor volgend jaar met een nieuw -financieel kloppend- onderhoudsplan komt.

Wat betreft de aansturing van het theater heeft het CDA gevraagd om de raad mee te nemen hoe we dat in de toekomst vorm gaan geven. Het college heeft voor dit moment gekozen om geen nieuwe Raad van Commissarissen te benoemen (de huidige commissarissen hebben aangegeven te stoppen), dat begrijpen we. Maar zo gauw scenario 2 is uitgewerkt, moet daar wel een passend bestuur bij komen.   

– Door fractievoorzitter Marjon Verkleij